PENSIOENAKKOORD

UITWERKING PENSIOENAKKOORD GOED OP STREEK

‘HET IS EEN AMBITIEUS PROGRAMMA’

TEKST PETER BEEKMAN BEELD FNV

‘STRAKS IS ER
EERDER KANS OP KOOPKRACHTVERBETERING’

De kortingen op de pensioenen zijn mede onder druk van de FNV eindelijk van tafel. Bent u blij? En wat houdt dat eigenlijk in?

De kortingen op de pensioenen zijn mede onder druk van de FNV eindelijk van tafel. Bent u blij? En wat houdt dat eigenlijk in?

‘Nou blij … we zijn tevreden met de stap die minister Koolmees van Sociale Zaken en Werkgelegenheid heeft gezet. De pensioenfondsen krijgen in elk geval een jaar respijt. Daarmee is de directe dreiging voor kortingen op pensioen voor ruim 9 miljoen mensen van de baan. Het gaat om 26 fondsen. Voor vier fondsen met 600.000 deelnemers – werkenden, zogenoemde slapers (mensen die geen pensioenpremie meer afdragen maar wel recht hebben op een pensioenuitkering later, red.) en gepensioneerden, geldt dat helaas niet. Daarom ben ik niet laaiend enthousiast. De vlag kan nog niet uit. Om welke vier fondsen het gaat, weten we niet. Wel weten we dat het om relatief veel werkenden en slapers en relatief weinig gepensioneerden gaat. Door deze vier fondsen moet volgend jaar waarschijnlijk toch worden gekort met gemiddeld 0,6 procent, dus gelukkig gaat het niet om grote bedragen. Niet zo fors als bijvoorbeeld de onvoorwaardelijke kortingen die bij de metaalfondsen dreigden: dat zou al gauw tientallen euro’s per maand hebben gescheeld. Maar dat is dus van tafel. En dat geldt ook voor de verhoging van de pensioenpremies. Door de bank genomen zullen die in 2020 gelijk blijven.’

De dekkingsgraad is voor een jaar van 100 naar 90 procent gebracht. Bestaat er een kans dat fondsen daaronder duiken en dat er alsnog moet worden gekort?

‘31 december 2019 is de peildatum. Je weet het natuurlijk nooit, want het zijn dagkoersen. In augustus ging het vreselijk slecht, maar nu gaat het weer wat beter. Maar mocht er tóch door meer fondsen gekort moeten worden, dan gaat het om beduidend lagere kortingen dan zonder deze stap van Koolmees.’

Wanneer treedt het nieuwe pensioenakkoord in werking?

‘Zomer 2020 moet de wetgeving op hoofdlijnen klaar zijn voor behandeling in de Tweede Kamer. In 2022 moet de wet dan in werking treden. Dat houdt in dat wij – werknemers, werkgevers en de minister – er in april 2020 een klap op moeten geven, zodat de conceptwetgeving op tijd klaar is. Ja, dat is een ambitieus programma. Maar we zijn goed op streek, dus ik ga ervan uit dat het lukt.’

Wanneer komt de indexatie er?

‘Als de nieuwe wetgeving is ingevoerd, ontstaat er zicht op indexatie. En daar is het allemaal om begonnen. Want we hebben nu wel de kortingen tegengehouden, maar niemand gaat er nog op vooruit. Nu is het zo dat als het wel goed gaat er toch nog niet wordt geïndexeerd, nu al tien jaar. Omdat de reserves nog niet groot genoeg zijn. En als het slecht gaat wordt er wel gekort. Dat is natuurlijk niet uit te leggen. Met het nieuwe stelsel ademen de pensioenuitkeringen directer mee met de werkelijke rendementen van de fondsen. En dan is er ook veel eerder sprake van verbetering van de koopkracht.’

Ik wil u tot slot nog een aantal vragen voorleggen die lezers van het magazine hebben gesteld. Mensen met zware beroepen zouden volgens het pensioenakkoord eerder kunnen stoppen met werken. Hoe staat het daarmee?

‘Dat onderdeel van het akkoord is net door de minister in wetgeving uitgewerkt. Dat is nu in behandeling. Als dit door het parlement is kunnen er vanaf 1 januari 2021 weer afspraken over vroegpensioen voor mensen met zwaar werk worden gemaakt, zonder dat de werkgever daar een extra fiscale boete over hoeft te betalen, zoals nu nog het geval is. In cao-onderhandelingen met werkgevers lopen we in sommige sectoren vast vooruit op die nieuwe mogelijkheid. In de cao voor de VVT (Verpleging, Verzorging, Thuiszorg) is bijvoorbeeld afgesproken dat als je 45 jaar in de zorg hebt gewerkt, je op je 65ste met pensioen moet kunnen. Het EIB (Economisch Instituut voor de Bouw) heeft onderzoek gedaan of stoppen na 45 jaar werk haalbaar is. Ja, het kan heel goed, is de conclusie. Ook de werkgevers in de bouw vinden dit een haalbare en begaanbare weg. Dus ook in de bouw willen we daar afspraken over gaan maken.’

De bestuurders van de pensioenfondsen hebben niet zo lang geleden een hogere beloning gekregen. En die was al vorstelijk. Terwijl het gaat om premies van de werkende en niet meer werkende mensen. Dat is toch schandalig?

‘De verhoging van de beloning kwam doordat er door fusies steeds grotere fondsen komen. De tijdsbesteding en de beloning wordt dan naar boven aangepast. De bestuurders die namens de FNV in de fondsen zitten, krijgen er niks bij. Ze leveren hun beloning in en krijgen van de FNV hun salaris. De top in de uitvoeringsorganisaties en de externe bestuursleden verdienen wel vaker meer, soms zelfs veel meer dan de balkenendenorm. Wij als FNV zijn kritisch op deze hoge beloningen, vinden dat zeker niet kies. Maar wij zijn niet de enige partij in het bestuur van de pensioenfondsen hè?’

Dankzij het akkoord gaat de AOW eerder in. Maar dat betekent minder pensioenopbouw en dus een lagere uitkering. Is dat niet nadelig?

‘Het klopt dat je pensioen wat lager uitvalt, omdat je – als je eerder met pensioen gaat – wat minder lang inlegt in het fonds. Maar je krijgt ook eerder AOW dankzij het pensioenakkoord. Én je krijgt dus ook over een langere periode pensioen. Over de hele linie wordt het iets lagere pensioen daarmee voor de meeste mensen ruim gecompenseerd. En niet te vergeten, waar het allemaal mee is begonnen: je kunt eerder stoppen met werken.’

Deel deze pagina