HET ZAL JE MAAR GEBEUREN

‘IK PROBEER WEER VOORUIT TE KIJKEN’

TEKST PIEN HEUTS BEELD MARCEL BAKKER

Verslavingsmedewerker Parma Gulraj struikelde tijdens haar werk over een hoge opstap. Dat kostte haar niet alleen haar gezondheid maar ook haar baan. De juristen van de FNV stonden haar bij in deze zaak.

Als Parma Gulraj (65) over haar oude klanten vertelt begint haar gezicht te stralen. Met veel toewijding heeft ze in Rotterdam bijna twintig jaar opgetrokken met aan heroïne en cocaïne verslaafde cliënten. Eerst vanuit de methadonbus, later vanuit een vast loket, waar mensen in het laatste stadium van hun leven driemaal daags op doktersvoorschrift hun dosis methadon of heroïne kwamen gebruiken. ‘Er zijn allerlei redenen waardoor ze zijn gaan gebruiken. Ik wilde hun verhalen horen, met ze meebewegen en begrip hebben. Dan ontstaat er echt contact en wederzijds respect. Ik mis ze. Ben bezorgd over ze.’


Hun hart winnen

In 1974, een jaar voor de onafhankelijkheid, maakte Gulraj vanuit Suriname de oversteek om in Nederland te gaan studeren. Ze specialiseerde zich in de ziekenzorg. ‘Tijdens mijn opleiding zat ik intern bij de nonnen in Arnhem. Ik was vanwege mijn afkomst een bijzonderheid’, zegt ze. Gulraj studeerde hard. ‘Ik wil me graag ontwikkelen, nieuwe dingen leren.’ Na de ziekenhuiszorg, gehandicaptenzorg, thuiszorg en verpleeghuiszorg kwam in 2001 de verslavingszorg op haar pad. Bij een zorgorganisatie, gespecialiseerd in psychiatrie en verslavingszorg, werkte ze als paramedisch medewerker. ‘In het begin was het wennen. Patiënten waren agressief, scholden je met een blik bier in de hand uit voor teringwijf. Ze zijn ziek. Het lukte me om rust te brengen, hun hart te winnen. Ik gaf ze soms een euro om brood te kopen. Of nam T-shirts mee van mijn jaarlijkse bezoek aan Suriname. Met onze hulp lukte het ze soms om stappen te zetten. Als ze bijvoorbeeld weer contact hadden met hun familie of hun kind weer mochten zien. Of een huis kregen. Dat was zo mooi om mee te maken.’


Hard onderuit

Gulraj was goed in haar werk. Daarom doet het afscheid pijn. Op 5 maart 2017 struikelde ze over een hoge opstap naar de verstrekkingsruimte, waar de patiënten gebruiken. Ze ging hard onderuit. Later bleek ze drie breuken in haar onderarm te hebben en een verschoven rugwervel. En veel pijn. Nog steeds. ‘Ik deed er alles aan om te herstellen: fysiotherapie, massages. Ook heb ik een speciale matras gekocht vanwege de aanhoudende rugklachten. Ik maakte me veel zorgen over de toekomst, omdat werken niet lukte. Ik kon niets meer, was afhankelijk van anderen.’ Ze knapte maar niet op en bleef klachten houden. Omdat Gulraj haar hele werkzame leven vakbondslid is geweest, wist ze de weg naar FNV Letselschade te vinden. Na twee jaar ziekte keurde UWV Gulraj volledig af voor haar functie.


Complexe zaak

‘Uiteindelijk is het in samenwerking met de arbeidsjurist van de FNV gelukt om voor onze cliënt een goede regeling te treffen met de werkgever en diens verzekeraar’, vertelt jurist Line Visser van FNV Letselschade. ‘Het was best een complexe zaak, omdat het zowel over het arbeidsongeval ging als over de noodgedwongen beëindiging van het dienstverband.’ Gulraj is vooral blij met de erkenning. ‘Ik kreeg soms het gevoel dat ik een aanstelster was. Dat de bond achter me stond, maakte dat ik me minder alleen voelde staan. Ik probeer nu weer vooruit te kijken en plannen te maken. Misschien kan ik in de toekomst op vrijwillige basis iets maatschappelijks doen. Ik heb altijd met mensen gewerkt, daar ligt mijn hart.’

Deel deze pagina